Je testosteron is normaal. Maar welke normaal is dat?
Je lichaam heeft ook onderhoud nodig
We hebben in Nederland gezondheidszorg. Maar dat systeem piept en kraakt aan alle kanten.
Te weinig geld, te weinig mensen, te veel vraag. En de zorg komt vaak pas in actie op het moment dat je al ziek bent.
Aan de preventieve kant gebeurt vrijwel niets.
Niemand belt je om te zeggen: zullen we eens kijken hoe het met je gaat voordat er iets mis is?
Dat bestaat niet.
Dus als je niet ziek bent en je wilt gewoon werken aan je gezondheid, ben je op jezelf aangewezen.
Niemand komt je redden.
Niemand maakt je gezond.
Dat moet je zelf doen.
Werken aan je gezondheid kun je zien als onderhoud.
Je onderhoudt je huis: klusjes op zaterdag.
Je onderhoudt je auto ook: een grote beurt, een kleine beurt, wassen in het weekend.
Zelfs je cv-ketel laat je jaarlijks nakijken.
Maar je lichaam, het enige dat je niet kunt inruilen of vervangen, onderhoud je meestal pas als het al kapot is.
Wanneer is een testosteronwaarde normaal?
En als je je lichaam dan een keer laat nakijken, loop je tegen iets merkwaardigs aan.
Je hebt bloed laten prikken bij de huisarts.
Testosteron: 11 nmol/l.
De uitslag komt terug als normaal.
Binnen de referentiewaarde, dus goed.
Maar is het ook echt goed?
Het antwoord lijkt af te hangen van wie je het vraagt.
Internationale gegevens zetten gezonde jonge mannen op ongeveer 9 tot 32 nmol/l.
Nederlandse ziekenhuizen hanteren voor mannen tot 50 jaar doorgaans 8,6 tot 29,0.
Boven de 50 wordt dat 6,7 tot 25,7.
De ondergrens zakt dus mee met de leeftijd.
Een internationale richtlijn voor endocrinologen noemt een ondergrens van 12,1, maar erkent tegelijk dat hierover geen consensus bestaat.
Allemaal verschillende getallen dus.
De norm verandert met de tijd
Wat we wél weten, is dat testosteronwaarden tussen generaties verschillen.
De manier om dat te zien is simpel: houd de leeftijd vast en laat de kalender lopen.

Finse mannen uit de geboortejaren rond 1915 zaten in hun zestiger jaren gemiddeld op 21,9 nmol/l.
Mannen die dertig jaar later waren geboren, kwamen in diezelfde leeftijdsgroep uit op gemiddeld 13,8.
Datzelfde patroon komt terug in Boston, de Verenigde Staten en Israël.
Het verdwijnt niet als je het gewicht eruit haalt.
Het onderzoek dat dit het scherpst laat zien, volgde bijna duizend Amerikaanse veteranen twintig jaar lang.
Hun testosteron nam ieder jaar twee keer zo snel af als je op basis van hun leeftijd zou verwachten.
Een testosteronwaarde van 11 valt dus binnen de referentie.
Maar dat betekent niet dat je geen gelijk hebt als je het gevoel hebt dat er iets in je lichaam niet klopt.
Dat lijkt tegenstrijdig, maar dat is het niet.
Het gaat over twee verschillende dingen.
Een referentiewaarde beschrijft wat de meeste mensen hebben.
Niet wat gezond is.
Bij een bevolking die als geheel de verkeerde kant op beweegt, is gemiddeld zijn geen goede prestatie.
Je wijkt niet af van de norm.
De norm is gezakt.
Waarom daalt testosteron?
Waarom de norm steeds verder zakt, is uit de data niet te halen.
De onderzoekers zelf schrijven de daling toe aan ‘factoren die we niet hebben gemeten’.
Dat is wetenschappelijke taal voor: we weten het niet.
Overgewicht verklaart een deel, maar niet alles.
De daling blijft ook zichtbaar bij mannen die nooit te zwaar werden.
Van hormoonverstoorders is het bewijs zwakker dan het publieke verhaal soms doet vermoeden.
En een deel van de daling is ook simpelweg goed nieuws: roken verhoogt het gemeten testosteron.
Nederlandse mannen gingen van negentig procent rokers in 1958 naar achtentwintig procent in 2010.
Wat we wél zien, is dat de hele as lager staat.
Niet alleen het testosteron, ook de hormonen die het aansturen.
Dat is dus niet het beeld van een versleten motor die harder wordt aangeduwd.
Het is een thermostaat die lager is afgesteld.
We maken collectief steeds minder testosteron aan.
Maar wat is dan het probleem?
Hoog testosteron en een gezonde stofwisseling
Het onderzoek dat vaak wordt aangehaald als bewijs dat ‘hoger beter’ is, komt uit Zweden.
Ruim tweeduizend oudere mannen werden vijf jaar gevolgd.
De mannen met het hoogste natuurlijke testosterongehalte (>19 nmol/l) hadden dertig procent minder hart- en vaatziekten.
Maar een ander cijfer uit diezelfde publicatie is net zo interessant.
Die mannen hadden een gemiddeld BMI van 24,9.
De mannen met het hoogste testosteron hadden een gezond gewicht.
Wat betekent dit nu allemaal?
Een gezonde waarde ligt waarschijnlijk hoger dan wat we vandaag gemiddeld meten.
Mannen met een hoog testosteron zijn in de regel ook mannen met een gezond gewicht.
Dat tweede zie ik terug in mijn eigen groep.
Ik heb 137 mannen uit mijn eigen bloedonderzoeksgroep op testosteron gesorteerd en de bovenste groep naast de onderste gelegd.
Bij de mannen met het hoogste testosteron was de nuchtere insuline 6,7, tegenover 10,5 bij de laagste groep.
De triglyceriden liggen lager, het HDL ligt hoger en de insulineresistentie zelf is bijna gehalveerd in de groep met het hoogste testosteron.
Dat is geen detail.
Dat is het hele verhaal in één beeld: hoog testosteron en een gezonde stofwisseling horen bij elkaar.
En de stofwisseling kun je aanpakken.
Testosteron is de barometer, niet de motor.
Je verandert het weer niet door de barometer te verzetten.
Wat kun je er dan wél aan doen?
De knoppen waar je aan kunt draaien
Energie
De meest onderschatte factor, en de enige waarvan het mechanisme past bij wat we zien.
Chronisch te weinig eten legt de aansturing van de testikels stil.
Laag testosteron bij een lage aansturing dus: precies het beeld dat we zien.
Gewicht
De enige factor met echt causaal bewijs, in beide richtingen.
Tien procent gewichtsverlies levert gemiddeld bijna 3 nmol/l extra testosteron op.
Fors gewichtsverlies: ruim 8.
Niet omdat vet je testosteron opeet, maar omdat vetmassa, insulinegevoeligheid en je hormoonhuishouding één systeem vormen.
Vitamine D
Hier heb ik eigen cijfers.
Van de mannen die ik heb gemeten, zit 64 procent onder de 80 nmol/l en 22 procent onder de 50.
Dat is de grens die als tekort geldt.
In diezelfde groep hangt vitamine D samen met testosteron.
Aanvullen werkt bij mannen met een tekort.
Bij een normale vitamine-D-status is in een gerandomiseerde studie geen effect gevonden.
Vitamine D is geen booster. Het is een tekort dat je opheft.
Dat helpt ook een patroon te begrijpen dat in grote cohorten terugkomt: testosteron piekt in de zomer en nazomer en zakt naar een dal in de late winter.
Dat loopt ongeveer gelijk met het seizoensverloop van vitamine D.
In Noorwegen lagen de piekwaarden een vijfde tot een derde hoger.
Prik je in maart, dan meet je waarschijnlijk je dal.
Mijn eigen ervaring met testosteron
Ik heb jarenlang testosteron gebruikt.
In hoge doseringen.
Ik was groot en gespierd, maar niet gezond.
Na mijn hartaanval ben ik er direct mee gestopt.
Een half jaar later raakte mijn vriendin zwanger.
Mijn vruchtbaarheid was dus voldoende voor een zwangerschap.
In de jaren daarna heb ik mijn testosteron meerdere keren laten meten.
De uitslagen lagen tussen de 18,7 en 22 nmol/l.
Die hogere waarde was overigens niet beter.
Bij mij hing die samen met een lage insuline en daardoor een hoge SHBG.
Menselijk onderhoud
Ik doe wat hierboven staat.
Een gezond gewicht aanhouden.
Geen afgetraind lichaam dus, maar een gezond gewicht.
Voldoende eten.
Mijn vitamine D optimaliseren, zodat ik boven de 80 nmol/l zit.
Verder heb ik veel energie gestoken in het verbeteren van mijn slaap.
Dit zijn de knoppen waar je zelf aan kunt draaien.
Testosteron is zelden de oorzaak van het probleem. Vaak is het het gevolg.
Testosteron is een leefstijlhormoon.
Verbeter je leefstijl, en je testosteron beweegt mee.
Verantwoording en bronnen
REFERENTIEWAARDEN
Travison TG e.a. Harmonized reference ranges for circulating testosterone levels in men of four cohort studies in the United States and Europe. J Clin Endocrinol Metab 2017;102:1161-73. Vier cohorten, ruim 9.000 mannen; 19-39 jaar ongeveer 9 tot 32 nmol/l. https://doi.org/10.1210/jc.2016-2935
Nederlandse ziekenhuislab-referentiewaarden: OLVG Lab BV, testosteron totaal. https://olvglab.nl/voor-zorgverleners/bepalingen-en-referentiewaarden/referentiewaarden/endocrinologie-bloed-testosteron-totaal/
EAU/ISSAM-ondergrens 12,1 nmol/l, met expliciete erkenning dat er geen consensus bestaat: Tijdschrift voor Urologie, Mannelijk hypogonadisme, een update. https://doi.org/10.1007/s13629-018-0235-2
DE VERSCHUIVING OVER DE DECENNIA
Perheentupa A e.a. A cohort effect on serum testosterone levels in Finnish men. Eur J Endocrinol 2013;168:227-33. n=3.271; mannen 60-69: 21,9 naar 13,8 nmol/l, significant na correctie voor BMI. https://doi.org/10.1530/EJE-12-0288
Travison TG e.a. A population-level decline in serum testosterone levels in American men. J Clin Endocrinol Metab 2007;92:196-202. Mannen 65-69: 17,4 naar 14,7 nmol/l. Dat getallenpaar komt uit het persbericht van de Endocrine Society, niet uit de publicatie zelf. https://doi.org/10.1210/jc.2006-1375
Lokeshwar SD e.a. Decline in serum testosterone levels among adolescent and young adult men in the USA. Eur Urol Focus 2021;7:886-89. n=4.045, 15-39 jaar: 21,0 naar 15,6 nmol/l; bij alleen BMI 18,5-24,9 nog altijd 23,0 naar 18,3. https://doi.org/10.1016/j.euf.2020.02.006
Chodick G e.a. Secular trends in testosterone - findings from a large state-mandate care provider. Reprod Biol Endocrinol 2020;18:19. n=102.334, een centraal lab; 21-jarigen 19,7 naar 17,8 nmol/l. https://doi.org/10.1186/s12958-020-00575-2
Nyante SJ e.a. Trends in sex hormone concentrations in US males: 1988-1991 to 1999-2004. Int J Androl 2012;35:456-66. Na correctie voor leeftijd en BMI geen verschil: 18,6 tegen 18,5 (p=0,75). https://doi.org/10.1111/j.1365-2605.2011.01230.x
Mazur A e.a. Is rising obesity causing a secular (populational) decline in the serum testosterone levels of American men? PLOS One 2013;8:e76178. n=991, zes meetrondes over twintig jaar. Kalenderjaar -0,31 nmol/l, levensjaar -0,14. https://doi.org/10.1371/journal.pone.0076178
WAAROM WE HET NIET WETEN
Zhao J e.a. Cigarette smoking and testosterone in men and women: a systematic review and meta-analysis of observational studies. Prev Med 2016;85:1-10. 22 studies, 13.317 mannen: rokers +1,53 nmol/l. https://doi.org/10.1016/j.ypmed.2015.12.021
Rookcijfers Nederland: Roken in Nederland 1958-2011, percentage rokers per leeftijdsgroep en geslacht (STIVORO/Trimbos-data, Nederlandse rapportage aan de WHO). Mannen 88-91 procent in 1958. https://extranet.who.int/fctcapps/sites/default/files/2023-04/netherlands_annex1_changes_in_prevalence_by_age_groups_1958_2011.pdf
Zota AR e.a. Temporal trends in phthalate exposures: findings from the National Health and Nutrition Examination Survey, 2001-2010. Environ Health Perspect 2014;122:235-41. Som van de DEHP-metabolieten -37 procent. https://doi.org/10.1289/ehp.1306681
Hamed MA e.a. Impact of organophosphate pesticides exposure on human semen parameters and testosterone: a systematic review and meta-analysis. Front Endocrinol 2023;14:1227836. Spermakwaliteit aangetast, testosteron niet. https://doi.org/10.3389/fendo.2023.1227836
Santi D e.a. Temporal trends in serum testosterone and LH levels. J Endocrinol Invest 2025;48:2721-34. 1.504 studiegroepen, 1.064.891 mannen; LH daalt mee met testosteron in plaats van te stijgen. Dit effect is bescheiden, en in de Finse data daalde het FSH ook mee - de scheiding tussen beide is minder scherp dan vaak wordt voorgesteld. https://doi.org/10.1007/s40618-025-02671-9
Eigen dataset, 137 mannen, 2026: SHBG en LH hangen samen (rho +0,26, p=0,002, blijft staan na correctie voor leeftijd en oestradiol), maar absoluut vrij testosteron is juist hoger bij hogere SHBG (rho +0,27; laagste kwartiel 0,275 tegen 0,330 nmol/l in het hoogste), en oestradiol hangt niet samen met LH (+0,10, niet significant) en is in de laagste SHBG-groep lager in plaats van hoger (105 tegen 139 pmol/l). De voorgestelde terugkoppeling via SHBG en oestradiol wordt in deze data dus niet gesteund.
HART- EN VAATRISICO
Ohlsson C e.a. High serum testosterone is associated with reduced risk of cardiovascular events in elderly men. The MrOS study in Sweden. J Am Coll Cardiol 2011;58:1674-81. n=2.416, 69-81 jaar, mediaan 5 jaar. Hoogste kwartiel (vanaf 19,1 nmol/l) HR 0,70 (95 procent BI 0,56-0,88). Observationeel; BMI 24,9 in het hoogste kwartiel tegen 28,1 in het laagste. https://doi.org/10.1016/j.jacc.2011.07.019
Eigen dataset, 137 mannen, hoogste tegen laagste testosteronkwartiel (mediaan 22,8 tegen 11,3 nmol/l), 34 mannen per groep. Nuchtere insuline 6,7 tegen 10,5 mU/l (p=0,0006); HOMA-IR 1,50 tegen 2,45 (p=0,004); triglyceriden 1,10 tegen 1,52 mmol/l (p=0,003); HDL 1,44 tegen 1,17 mmol/l (p=0,010); triglyceriden/HDL 0,79 tegen 1,10 (p=0,001). CRP 0,70 tegen 1,72 mg/l, net niet significant (p=0,053). Mann-Whitney U, tweezijdig. Dwarsdoorsnede: dit zegt niets over de richting.
KLACHTENDREMPEL
Wu FCW e.a. Identification of late-onset hypogonadism in middle-aged and elderly men. N Engl J Med 2010;363:123-35 (EMAS). Klachten clusteren onder ongeveer 11 nmol/l. https://doi.org/10.1056/NEJMoa0911101
GEWICHT EN ENERGIE
Corona G e.a. Body weight loss reverts obesity-associated hypogonadotropic hypogonadism: a systematic review and meta-analysis. Eur J Endocrinol 2013;168:829-43. +2,87 nmol/l na dieet, +8,73 na bariatrische chirurgie. https://doi.org/10.1530/EJE-12-0955
Mendeliaanse randomisatie: een BMI van 25 naar 30 komt overeen met 13-15 procent lager testosteron. Rev Endocr Metab Disord 2022. https://doi.org/10.1007/s11154-022-09746-5
VITAMINE D
Pilz S e.a. Effect of vitamin D supplementation on testosterone levels in men. Horm Metab Res 2011;43:223-25. Effect bij gecombineerd tekort. https://doi.org/10.1055/s-0030-1269854
Lerchbaum E e.a. Vitamin D and testosterone in healthy men: a randomized controlled trial. J Clin Endocrinol Metab 2017;102:4292-4302. Geen effect bij een normale vitamine D-status. https://doi.org/10.1210/jc.2017-01428
Svartberg J e.a. Seasonal variation of testosterone and waist to hip ratio in men: the Tromso study. J Clin Endocrinol Metab 2003;88:3099-3104. n=1.548, 19-31 procent hogere piekwaarden. https://doi.org/10.1210/jc.2002-021878
Zornitzki T e.a. Seasonal variation of testosterone levels in a large cohort of men. Int J Endocrinol 2022;2022:6093092. Piek augustus-oktober, dal in maart. https://doi.org/10.1155/2022/6093092
Eigen dataset, 137 mannen: 64 procent onder 80 nmol/l, 22 procent onder 50, mediaan 68 (spreiding 19,8-168). Vitamine D tegenover testosteron rho +0,22 (p=0,009, n=136). Het seizoenspatroon is in deze groep niet terug te zien; de aantallen per maand zijn daarvoor te klein.






